ECLI:NL:GHSGR:2009:BO0840
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.C. Fasseur-van Santen
- A.D. Kiers-Becking
- M.Y. Bonneur
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over verval en gebruik merkrechten HALIBNA en auteursrechtinbreuk op verpakking
In deze civiele zaak staat centraal of het internationale merk HALIBNA, oorspronkelijk gedeponeerd door Prodalimenta en later overgedragen aan [B], vervallen is verklaard wegens non-usus in de Benelux. [B] stelt dat het merk vanaf 1996 met toestemming van Prodalimenta is gebruikt, waardoor het verval is geheeld (Heilung). [K] betwist dit en stelt dat de gebruikte verpakking een imitatie is van de Jordaanse verpakking, en dat het merk dus niet normaal is gebruikt.
Het hof oordeelt dat gebruik door een niet-ingeschreven licentiehouder rechtshandhavend kan zijn, mits met expliciete toestemming van de merkhouder. Het hof laat [B] toe tot bewijslevering over het gebruik met toestemming vanaf 1996 tot 2000. Daarnaast is in zaak B een auteursrechtelijk geschil aan de orde over de verpakking en het Arabisch logo. Het hof stelt dat de Nederlandse rechter slechts bevoegd is voor een verbod binnen Nederland en enkele andere landen, en dat voor het Arabisch logo deskundigenonderzoek nodig is om het auteursrechtelijk beschermde karakter te bepalen.
Het hof wijst producties die te laat zijn ingediend af en behandelt de grieven over het gebruik van het merk en de auteursrechten uitgebreid. Het arrest bevat een tussenbeslissing waarin het hof het bewijs toelaat en een getuigenverhoor bepaalt. Tevens is beroep in cassatie tegen dit tussenarrest mogelijk.
Uitkomst: Het hof laat bewijs toe over het gebruik van het merk met toestemming en bepaalt een getuigenverhoor; verdere beoordeling volgt in het eindarrest.