ECLI:NL:GHSGR:2010:BL3741
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- W.M.G. Visser
- J.J.J. Engel
- Ph.G.H. Albert
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep waardebepaling onroerende zaak met bodemverontreiniging en onderhoudstoestand
Belanghebbende betwist de door de Inspecteur vastgestelde WOZ-waarde van zijn onroerende zaak, gelegen in het buitengebied van Oud-Beijerland, die was vastgesteld op €478.000. De Inspecteur had rekening gehouden met de slechte onderhoudstoestand van de woning en schuren, maar niet met bodemverontreiniging en specifieke liggingseigenschappen. De rechtbank had het beroep ongegrond verklaard en een waardevermindering van €16.500 toegekend vanwege het ontbreken van een inpandige opname.
In hoger beroep oordeelt het hof dat de Inspecteur onvoldoende rekening heeft gehouden met de waardedrukkende effecten van bodemverontreiniging en de ligging van het perceel tussen dijklichamen. De waardepeildatum is 1 januari 2005. De bewijslast rust op de Inspecteur, die wel de onderhoudstoestand adequaat heeft verwerkt. Belanghebbende heeft geen deskundig taxatierapport overlegd ter onderbouwing van zijn lagere waarde.
Het hof stelt de waarde van de onroerende zaak in goede justitie vast op €455.000, lager dan de vastgestelde €478.000, en vernietigt de uitspraak van de rechtbank en de uitspraak op bezwaar. Tevens veroordeelt het hof de Inspecteur tot vergoeding van proceskosten en reiskosten van belanghebbende.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de onroerende zaak wordt vastgesteld op €455.000 en de aanslag dienovereenkomstig verminderd.