ECLI:NL:GHSGR:2010:BL6296
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.J.J. Engel
- T. Groeneveld
- O.C.R. Marres
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ondernemerschap belanghebbende voor toepassing investerings- en zelfstandigenaftrek
Belanghebbende was sinds 1999 vennoot in een vennootschap onder firma (Vof) met zijn echtgenote, die een restaurant exploiteerde. In 2004 werd de inschrijving van de Vof in het handelsregister gewijzigd naar een eenmanszaak van de echtgenote vanwege een wettelijke eis omtrent de 'verklaring Sociale Hygiëne'.
De Inspecteur stelde dat de Vof per 1 februari 2004 was geëindigd en dat belanghebbende daardoor geen ondernemer meer was voor de inkomstenbelasting, waardoor hij geen aanspraak kon maken op investerings- en zelfstandigenaftrek. De rechtbank oordeelde echter dat de Vof civielrechtelijk nog bestond en dat belanghebbende nog steeds als ondernemer kon worden beschouwd, omdat hij nog steeds werkzaamheden verrichtte en de Vof zich naar derden bleef presenteren.
Het hof bevestigde het oordeel van de rechtbank. Het stelde vast dat de wijziging in het handelsregister niet leidde tot beëindiging van het vennootschappelijke verband en dat belanghebbende ook na de wijziging hoofdelijk aansprakelijk bleef voor verbintenissen van de Vof. De Inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten en het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Inspecteur wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.