ECLI:NL:GHSGR:2010:BM1396
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- B. van Walderveen
- Th. Groeneveld
- F.A. Engelen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging belastingheffing terugbetaling agio als regulier voordeel uit aanmerkelijk belang
Belanghebbende hield sinds de oprichting van B.V. in 1997 alle aandelen en bracht aandelen van een andere B.V. in als storting, waardoor een agioreserve ontstond. In 2001 betaalde B.V. een bedrag van €174.705 aan belanghebbende ten laste van deze agioreserve, zonder schriftelijke vastlegging of statutenwijziging.
De Inspecteur nam deze betaling mee als regulier voordeel uit aanmerkelijk belang in de belastingheffing over 2001 en legde een verzuimboete op. Belanghebbende maakte bezwaar en stelde dat hij op grond van dwaling de aanslag ongedaan wilde maken, mede omdat later in 2007 en 2009 pogingen werden gedaan om de terugbetaling ongedaan te maken.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en het hof bevestigde dit oordeel. Het hof oordeelde dat de betaling een regulier voordeel uit aanmerkelijk belang is volgens artikel 4.13 van de Wet inkomstenbelasting 2001. De latere besluiten van de algemene vergadering om de terugbetaling ongedaan te maken konden het oorspronkelijke besluit uit 2001 niet buitengerechtelijk vernietigen. De aanslag over 2001 blijft dan ook gehandhaafd.
Het hof wees het beroep van belanghebbende af en veroordeelde geen van partijen in de proceskosten. De uitspraak werd op 24 maart 2010 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat de terugbetaling van agio in 2001 als regulier voordeel uit aanmerkelijk belang belast blijft en wijst het hoger beroep af.