ECLI:NL:GHSGR:2010:BM2549
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- P.J.J. Vonk
- Th. Groeneveld
- H.A.J. Kroon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering aftrek levensonderhoud kinderen in inkomstenbelasting 2005
Belanghebbende maakte in zijn aangifte inkomstenbelasting 2005 een aftrekpost van € 2.640 voor kosten van levensonderhoud van zijn zoon en dochter. De Inspecteur weigerde deze aftrekpost omdat niet aannemelijk was gemaakt dat de betalingen specifiek voor deze kinderen waren gedaan. Belanghebbende stelde dat hij USD 3.750 had betaald voor het levensonderhoud van zijn kinderen.
Het Hof stelde vast dat belanghebbende een uitkering ontving en dat zijn echtgenote met vier kinderen in Irak woonde en financieel afhankelijk was van hem. Een verklaring bevestigde deze afhankelijkheid, maar een andere verklaring van de vader van belanghebbende over betalingen werd niet geloofd.
Het Hof concludeerde dat de betalingen bedoeld waren voor het onderhoud van het gehele gezin en niet specifiek voor de zoon en dochter, waardoor de aftrekpost niet gerechtvaardigd was. Het hoger beroep werd daarom verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en de mogelijkheid tot cassatie bij de Hoge Raad werd vermeld.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de weigering van aftrek voor kosten van levensonderhoud wordt bevestigd.