ECLI:NL:GHSGR:2010:BM6014
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in hoger beroep wegens appelverbod bij advocatendeclaratie
Appellant, een advocaat, vorderde betaling van werkzaamheden verricht voor geïntimeerde, waarbij de kantonrechter zich onbevoegd verklaarde vanwege toepassing van de Wet tarieven in burgerlijke zaken. Appellant ging in hoger beroep en stelde ontvankelijk te zijn omdat de kantonrechter geen inhoudelijk oordeel gaf en de wet onjuist toepaste.
Het hof overwoog dat het algemeen geldende appelverbod van artikel 332 lid 1 Rv Pro niet doorbroken kan worden door jurisprudentie die ziet op specifieke appelverboden. Dit appelverbod geldt ook als de kantonrechter zich onterecht onbevoegd verklaart. De doorbrekingsjurisprudentie is niet van toepassing op dit algemene appelverbod.
Daarom verklaarde het hof appellant niet-ontvankelijk in hoger beroep en veroordeelde hem in de kosten van het beroep, die nihil werden begroot. Het arrest bevestigt dat bij vorderingen onder de appelgrens hoger beroep niet mogelijk is, ook niet bij onjuiste toepassing van de Wet tarieven in burgerlijke zaken.
Uitkomst: Appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep wegens het appelverbod van artikel 332 lid 1 Rv.