ECLI:NL:GHSGR:2010:BN2043
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging belastingaanslag wegens niet voldoen aan eigenwoningregeling bij uitzending naar Curaçao
Belanghebbende heeft in 2005 een woning in Nederland die hij vanaf 1 april 2005 aan derden verhuurde terwijl hij zelf zijn hoofdverblijf op Curaçao had vanwege uitzending door zijn werkgever. Hij voerde aan dat de woning als eigen woning moest worden aangemerkt volgens artikel 3.111 lid 6 Wet IB 2001, waardoor hypotheekrenteaftrek mogelijk zou zijn.
De Inspecteur legde een aanslag op waarbij de inkomsten uit eigen woning niet volledig werden erkend vanwege het niet voldoen aan de voorwaarde dat de woning minimaal een jaar als eigen woning ter beschikking moet staan. De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond en het hof bevestigde deze uitspraak.
Het hof overwoog dat de woning pas vanaf 8 december 2004 als hoofdverblijf kon gelden en dat belanghebbende vanaf 1 april 2005 zijn hoofdverblijf op Curaçao had. De verhuur aan derden vanaf die datum sluit toepassing van de eigenwoningregeling uit. Tevens werd het beroep op vertrouwen in onjuiste informatie van de Belastingdienst verworpen.
De aanslag werd derhalve gehandhaafd en de proceskosten werden niet aan belanghebbende opgelegd. De uitspraak is in het openbaar uitgesproken op 11 mei 2010 door het gerechtshof 's-Gravenhage.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de aanslag en verklaart het beroep van belanghebbende ongegrond wegens niet voldoen aan de eigenwoningregeling.