ECLI:NL:GHSGR:2010:BN2567
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- S.K. Welbedacht
- A.H. de Wild
- T.E. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor smaad door verzenden brief met beschuldigingen aan werkgever
De verdachte heeft in de periode van 31 maart tot en met 28 april 2008 een brief verzonden aan de Dienst Justitiële Inrichtingen waarin hij beschuldigingen uitte aan het adres van het slachtoffer. Deze mededelingen betroffen onder meer agressief gedrag, bedreigingen en valsheid in geschrifte. Hoewel de verdachte stelde dat de brief bedoeld was als waarschuwing aan de werkgever en niet om het slachtoffer te schaden, oordeelde het hof dat hij willens en wetens de aanmerkelijke kans aanvaardde dat de inhoud openbaar zou worden en het slachtoffer in een kwaad daglicht zou stellen.
Het hof achtte de mededelingen concreet en gericht op het slachtoffer, waardoor sprake was van smaad zoals bedoeld in artikel 261 Sr Pro. De verdachte kon geen beroep doen op de bijzondere rechtvaardigingsgrond van het algemeen belang, omdat de beschuldigingen betrekking hadden op particuliere belangen. De verdachte werd veroordeeld tot een voorwaardelijke geldboete van 500 euro met een proeftijd van twee jaar.
De vordering van het slachtoffer tot immateriële schadevergoeding van 255 euro werd door het hof niet-ontvankelijk verklaard, omdat deze vordering niet geschikt was voor behandeling in het strafproces en slechts bij de burgerlijke rechter kon worden ingediend.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke geldboete van 500 euro wegens smaad.