ECLI:NL:GHSGR:2010:BO9826
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- T.H. Tanja-van den Broek
- G.J. Heevel
- F. Waardenburg
- Rechtspraak.nl
Bewijs en uitleg vaste prijsafspraak bij bouw serre tussen partijen
In deze civiele procedure staat de vraag centraal of tussen appellant en Rotterdamse Glascentrale B.V. (RGC) een vaste prijs van ƒ 15.000,- (gulden) dan wel € 15.000,- (euro) is overeengekomen voor de bouw van een serre.
Appellant verweert zich tegen de vordering van RGC tot betaling van twee facturen en vordert in reconventie schadevergoeding wegens ondeugdelijkheid van de serre. De rechtbank heeft appellant belast met de bewijslast van de vaste prijsafspraak, maar het hof stelt dat deze bewijslast op RGC rust omdat zij betaling vordert en de prijsafspraak stelt.
Het hof analyseert getuigenverklaringen, facturen en omstandigheden waaronder de prijsafspraak is gemaakt, waaronder de invoering van de euro. Het hof concludeert dat niet is bewezen dat de prijsafspraak van € 15.000,- is gemaakt, maar ook niet dat de guldenprijs van ƒ 15.000,- geldt. RGC krijgt daarom gelegenheid bewijs te leveren.
De beslissing over opschortingsrecht, schadevergoeding en wettelijke rente wordt aangehouden totdat duidelijkheid is over de prijsafspraak. Getuigenverhoren worden gepland onder leiding van een raadsheer-commissaris. Het hof houdt verdere beslissing aan.
Uitkomst: Het hof staat toe dat RGC bewijs levert van de vaste prijsafspraak van € 15.000,- en houdt verdere beslissing aan.