ECLI:NL:GHSGR:2011:BP9979
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- U.E. Tromp
- J.T. Sanders
- W.M.G. Visser
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag loonbelasting en toepassing artikel 12a Wet LB 1964 bij in België wonende werknemer
Belanghebbende, een orthodontistenpraktijk, werd geconfronteerd met een naheffingsaanslag loonbelasting en premie volksverzekeringen over de jaren 2001 tot en met 2003. De Inspecteur had het gebruikelijk loon van de bestuurder en orthodontist, die in België woonachtig is, vastgesteld op basis van artikel 12a van de Wet LB 1964, waarbij de afroommethode werd toegepast.
Belanghebbende betwistte de toepassing van artikel 12a vanwege het Verdrag Nederland-België 2001 en voerde aan dat het gebruikelijk loon onjuist was vastgesteld. Het hof oordeelde dat het Verdrag 2001 de toepassing van artikel 12a toestaat, anders dan het eerdere arrest van de Hoge Raad uit 2003 dat op het oude verdrag was gebaseerd.
Het hof stelde vast dat de Inspecteur het gebruikelijk loon voldoende had onderbouwd en aannemelijk gemaakt, mede omdat de opbrengsten van belanghebbende nagenoeg geheel voortvloeien uit de arbeid van de orthodontist. De afroommethode was dan ook terecht toegepast en het gebruikelijk loon behoefde geen correctie. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de naheffingsaanslag en oordeelt dat het gebruikelijk loon terecht is vastgesteld zonder correctie.