ECLI:NL:GHSGR:2011:BQ9451
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J. Borgesius
- J.M. Reinking
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs valsheid in geschriften, verduistering en deelname criminele organisatie
De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor valsheid in geschriften, verduistering, medewerking aan verboden transacties en deelname aan een criminele organisatie. In hoger beroep heeft het hof het bewijs beoordeeld en geconcludeerd dat het onvoldoende is om de tenlasteleggingen te staven.
Het hof oordeelde dat de facturen waarop de beschuldigingen waren gebaseerd, niet vals waren opgemaakt en dat er een overeenkomst en daadwerkelijke werkzaamheden waren verricht die in verhouding stonden tot de gefactureerde bedragen. Ook was er geen sprake van wederrechtelijke toe-eigening van gelden, omdat de betalingen gebaseerd waren op rechtsgeldige titels en binnen de statutaire doelstellingen van de betrokken stichtingen vielen.
Daarnaast kon het hof niet vaststellen dat de verdachte deel had genomen aan een criminele organisatie. De vermeende samenwerkingsverbanden en transacties waren onvoldoende onderbouwd als strafbare feiten. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en sprak de verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van de tenlastegelegde feiten.