ECLI:NL:GHSGR:2011:BQ9964
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling gebruiksvergoeding en energiekosten na onvolledige ontruiming veilingcomplex
In deze zaak draait het om een geschil tussen appellant en geïntimeerde over de betaling van gebruiksvergoeding na de ontruiming van een veilingcomplex en de vergoeding van energiekosten. De huurovereenkomst was opgezegd met een ontruimingstermijn tot 31 augustus 2005, maar appellant vordert betaling van gebruiksvergoeding vanaf 1 januari 2006 wegens achtergebleven goederen op het terrein.
Het hof oordeelt dat de achtergebleven zaken, waaronder big bags met bouwafval, flessen freon, astbestplaten en vrachtwagenonderdelen, slechts een klein deel van het gehuurde betroffen en dat appellant onvoldoende heeft gesteld en bewezen dat hierdoor schade is geleden. De flessen freon behoorden toe aan de verhuurder en hoefden niet door de huurder verwijderd te worden. De vordering tot gebruiksvergoeding na 1 januari 2006 wordt daarom afgewezen.
Daarnaast is in geschil of de kosten voor gas, water en elektriciteit door geïntimeerde betaald moesten worden. Uit verklaringen van getuigen en stukken blijkt dat deze kosten vanaf het begin in de gebruiksvergoeding waren inbegrepen en door de verhuurder werden betaald. De stelling van appellant dat dit niet zo was, wordt verworpen. Het hof bekrachtigt de eerdere vonnissen en veroordeelt appellant in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot gebruiksvergoeding vanaf 1 januari 2006 wordt afgewezen en appellant wordt veroordeeld in de proceskosten.