ECLI:NL:GHSGR:2011:BR2962
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- G.B.C.M. van der Reep
- J.C.W. Rang
- H.J.M. Boukema
- Rechtspraak.nl
Derdenwerking exoneratiebeding niet aanvaard in geschil tussen verzekeraar en dakdekker
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of een exoneratiebeding in de algemene voorwaarden van een dakdekker, Oranjedak, ook werking kon hebben jegens derden aan wie de verzekeraar Interpolis uitkeringen had gedaan na een brand.
Het hof bevestigde dat het exoneratiebeding tussen Oranjedak en de contractpartij BEM geldt, maar verwierp de door Oranjedak bepleite derdenwerking jegens andere benadeelde partijen. De gestelde bijkomende omstandigheden waren onvoldoende concreet en overtuigend om derdenwerking te aanvaarden.
Verder werd geoordeeld dat Interpolis als gesubrogeerde verzekeraar tot een bedrag van meer dan € 500.000,- regres mocht nemen. De rechtbank had buitengerechtelijke kosten toegekend die het hof niet matigde. Wel werd het vonnis vernietigd voor zover wettelijke rente was toegekend vanaf 30 mei 2005, en werd de rente toegekend vanaf eerdere data zoals door Interpolis gevorderd.
Oranjedak werd veroordeeld in de proceskosten van zowel het principaal als het incidenteel hoger beroep. Het arrest bevestigt dat exoneratiebedingen niet zonder meer derdenwerking hebben en dat de belangen van gesubrogeerde verzekeraars in dit kader zorgvuldig moeten worden afgewogen.
Uitkomst: Het hof verwierp derdenwerking van het exoneratiebeding en wees de vordering van de gesubrogeerde verzekeraar tegen Oranjedak toe.