ECLI:NL:GHSGR:2011:BT2204
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.A. Schuering
- E.J. van Sandick
- A.G.M. Zander
- Rechtspraak.nl
Ontslag van instantie wegens niet tijdige betaling griffierecht in hoger beroep
Appellant heeft tijdig hoger beroep ingesteld tegen een vonnis van de Rechtbank Rotterdam, sector kanton. De zaak werd aangebracht en beide partijen verschenen met advocaat. Het hof stelde de zaak aan op 31 mei 2011 en bepaalde dat het griffierecht binnen vier weken na deze datum moest zijn betaald.
Appellant betaalde het griffierecht echter pas op 1 juli 2011, drie dagen te laat. De nota voor het griffierecht was op 8 juni 2011 verzonden, maar het niet ontvangen van deze nota werd door het hof niet als geldig excuus geaccepteerd. Volgens het hof volgt de betalingstermijn uit de Wet griffierechten burgerlijke zaken (Wgbz) en is het de verantwoordelijkheid van appellant om tijdig te betalen.
Het hof besloot daarom geïntimeerde van deze instantie te ontslaan en veroordeelde appellant in de proceskosten van het hoger beroep, vastgesteld op een totaal van €731,-. Dit arrest werd gewezen door drie rechters en in het openbaar uitgesproken op 30 augustus 2011.
Uitkomst: Geïntimeerde wordt van deze instantie ontslagen wegens niet tijdige betaling van het griffierecht door appellant.