ECLI:NL:GHSGR:2011:BT2271
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake executiegeschil en ontruiming bedrijfsruimte na ontbinding huurovereenkomst
De zaak betreft een executiegeschil tussen TCB Realestate B.V. en een huurster van bedrijfsruimte in een winkelcentrum. De huurster had de bedrijfsruimte niet conform de bestemming gebruikt en had huurachterstanden. Na een vonnis tot ontruiming in kort geding op 2 februari 2011, dat onherroepelijk werd, maakte de huurster een executiegeschil aanhangig, waarna de voorzieningenrechter op 18 april 2011 de tenuitvoerlegging schorste.
De bodemrechter ontbond vervolgens bij vonnis van 12 augustus 2011 de huurovereenkomst en gelastte ontruiming. Het hof moest beoordelen of de schorsing van de ontruiming terecht was, waarbij het oordeel van de bodemrechter leidend was. Het hof oordeelde dat er geen sprake was van misbruik van executiebevoegdheid door TCB en dat het executiegeschil niet als verkapt hoger beroep mag dienen.
De huurster kon niet aannemelijk maken dat zij zonder vermeende tegenwerking de exploitatievergunning tijdig had verkregen. Het beroep op redelijkheid en billijkheid en artikel 6:23 BW Pro faalde. Het hof vernietigde het bestreden vonnis en wees de vordering van de huurster af, met veroordeling in kosten. Het arrest werd uitgesproken op 20 september 2011.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering van de huurster af en bevestigt het recht van de verhuurder tot ontruiming na ontbinding van de huurovereenkomst.