ECLI:NL:GHSGR:2011:BT5881
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake bewijswaardering bij geldleningsovereenkomst tussen privépersonen
In deze civiele procedure staat centraal of tussen appellant en geïntimeerde een overeenkomst van geldlening tot stand is gekomen. Appellant stelt dat hij €400.000 persoonlijk heeft uitgeleend aan geïntimeerde als vriendendienst, terwijl geïntimeerde betwist dat hij zich persoonlijk heeft verbonden en spreekt over een investering in een onderneming.
De rechtbank heeft appellant belast met het bewijs van de geldleningsovereenkomst en geoordeeld dat appellant niet in zijn bewijs is geslaagd. In hoger beroep richt appellant zich tegen deze bewijswaardering en verzoekt hij om het opnieuw horen van meerdere getuigen.
Het hof weigert het opnieuw horen van drie getuigen, maar staat toe dat getuige 2 opnieuw wordt gehoord over een specifiek punt, namelijk een schriftelijke verklaring waarin wordt vermeld dat de lening een privé aangelegenheid tussen appellant en geïntimeerde was. Het hof bepaalt dat het getuigenverhoor en eventuele contra-enquête zullen plaatsvinden op 9 november 2011 en houdt verdere beslissingen aan in afwachting van dit verhoor.
Uitkomst: Het hof staat het opnieuw horen van één getuige toe over een specifiek punt en houdt verdere beslissing aan.