ECLI:NL:GHSGR:2011:BT6848
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.A. Schuering
- J.J.I. Verburg
- B. Wessels
- Rechtspraak.nl
Afwijzing inbewaringstelling wegens weigering medewerking curator buitenlandse onroerende zaken
De curator in het faillissement van de gefailleerde verzocht om inbewaringstelling wegens diens weigering medewerking te verlenen aan het gelde maken van in het buitenland gelegen onroerende zaken. De rechtbank wees dit verzoek af omdat de weigering om een volmacht te tekenen niet expliciet in de Faillissementswet als grond voor inbewaringstelling wordt genoemd en omdat de curator alternatieven had om de onroerende zaken te gelde te maken.
In hoger beroep stelde de curator dat de verplichting tot medewerking wel degelijk uit het systeem van de Faillissementswet kan worden afgeleid en dat ook artikel 341 Sr Pro een grondslag biedt. Het hof erkende dat de gefailleerde gehouden is tot medewerking, maar constateerde dat de gefailleerde reeds twee maanden in bewaring was geweest en dat er onvoldoende aanwijzingen waren dat hij zou vluchten of de curator zou belemmeren.
Het hof maakte een belangenafweging tussen het belang van de schuldeisers en het recht op persoonlijke vrijheid van de gefailleerde. Gezien de emotionele en familiale omstandigheden en het ontbreken van concrete aanwijzingen voor misbruik, concludeerde het hof dat inbewaringstelling een ultimum remedium is en in deze zaak niet op zijn plaats is.
Daarmee werd het verzoek van de curator tot (hernieuwde) inbewaringstelling afgewezen en de beschikking van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot inbewaringstelling af en bekrachtigt de beschikking van de rechtbank.