ECLI:NL:GHSGR:2011:BU1980
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- A.A. Schuering
- E.J. van Sandick
- A.G.M. Zander
- Rechtspraak.nl
Ontslag van instantie wegens te late betaling griffierecht in hoger beroep
Appellant stelde tijdig hoger beroep in tegen het vonnis van de Rechtbank 's-Gravenhage van 10 november 2010 en dagvaardde geïntimeerde om te verschijnen. De zaak werd aangebracht en beide partijen verschenen met advocaten. Op 9 augustus 2011 werd de zaak aangehouden om af te wachten of het griffierecht werd betaald.
Appellant betaalde het griffierecht niet binnen de wettelijk gestelde termijn van vier weken na de eerste roldag (9 augustus 2011), waardoor het griffierecht pas op 15 september 2011 werd bijgeschreven, negen dagen te laat. Het hof oordeelde dat er geen omstandigheden waren die een onbillijkheid van overwegende aard zouden veroorzaken bij toepassing van artikel 127a lid 2 Rv.
Daarom werd geïntimeerde ontslagen van deze instantie en appellant veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep, vastgesteld op € 284,-- voor verschotten en € 447,-- voor het salaris van de advocaat. Het arrest werd op 11 oktober 2011 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Appellant wordt ontslagen van deze instantie wegens te late betaling van het griffierecht en veroordeeld in de proceskosten.