ECLI:NL:GHSGR:2011:BU3537
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- M.H. van Coeverden
- S.R. Mellema
- V. Disselkoen
- Rechtspraak.nl
Nietig ontslag op staande voet en loondoorbetaling bij arbeidsongeschiktheid
In deze zaak stond de vraag centraal of het ontslag op staande voet van de werknemer rechtsgeldig was en in hoeverre de werkgever gehouden was tot loondoorbetaling na 2 september 2010. Het hof oordeelde dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig was en dat de arbeidsovereenkomst voortduurde.
De werknemer had zich op 27 september 2009 ziek gemeld en was sindsdien arbeidsongeschikt. Een bedrijfsarts had vastgesteld dat er geen mogelijkheden waren voor werkhervatting en dat herstel niet te verwachten was. De werkgever had nagelaten een nieuwe medische beoordeling te laten plaatsvinden ondanks afspraken en verzoeken daartoe. De arbeidsdeskundige gaf aan dat er geen medische beperkingen waren, maar dit oordeel werd door het hof niet gevolgd omdat het geen medisch oordeel betrof en niet ondersteund werd door ander medisch bewijs.
Het hof stelde vast dat de werknemer recht had op 70% van het loon vanaf 11 augustus 2010 tot uiterlijk 23 september 2011, de maximale periode van loondoorbetaling bij ziekte. De eerdere toekenning van 100% loonbetaling werd vernietigd. Verder werd de werkgever veroordeeld in de proceskosten. Het arrest bevestigt de bescherming van werknemers bij onterecht ontslag en de loondoorbetalingsverplichting bij arbeidsongeschiktheid.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet is nietig verklaard en de werkgever is veroordeeld tot 70% loondoorbetaling tot 23 september 2011.