Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-GRAVENHAGE
Rolnummer rechtbank : 744527/CV EXPL 08-2574
arrest d.d. 3 juli 2012
Stichting Schaderegelingskantoor voor Rechtsbijstandsverzekering,
[geïntimeerde],
Het geding
Beoordeling van het hoger beroep
23 februari 2006 heeft miskend. Deze grief faalt. De feitelijke vaststelling in r.o. 1.7 is juist. Of het invoeren van een eigen pensioenbijdrage het (noodzakelijke) gevolg was van wat SRK aanvoert is in geschil en wordt behandeld bij de (principale) grieven 2 tot en met 11.
22 juli 1994, in het licht van het bepaalde in art. 7: 613 BW.
juistis, dan is er een besluit nodig om de eigen pensioenbijdrage in te voeren, en rijst de vraag of het besluit van de werkgever om dat te doen wordt geregeerd door art. 7: 613 BW, of dat een dergelijk besluit, nu de grondslag tot het nemen daarvan is gelegen in een cao, zonder meer verbindt. Indien genoemde stelling
onjuistis, en de CAO dus (als regel) de invoering van een eigen pensioenbijdrage bepaalt, rijzen de vragen (i) of, omdat het invoeren van die bijdrage vanwege het minimumkarakter van de CAO niet verplicht is, er een besluit nodig is om de eigen pensioenbijdrage (wel) in te voeren en, in het bevestigende geval, of zodanig besluit wordt geregeerd door art. 7: 613 BW, en (ii) het niet invoeren van een eigen pensioenbijdrage in 2003 of 2004 afbreuk heeft gedaan aan de door SRK gestelde automatische incorporatie van de CAO, nu dat niet invoeren een besluit van SRK heeft gevergd.
Beslissing
- beveelt partijen, SRK deugdelijk vertegenwoordigd door iemand die van de zaak op de hoogte is en die bevoegd is om een schikking te treffen, en [geïntimeerde] in persoon, vergezeld van hun raadslieden, voor het verstrekken van inlichtingen en het beproeven van een minnelijke regeling te verschijnen, in een der zalen van het Paleis van Justitie, Prins Clauslaan 60 te ’s-Gravenhage op
- bepaalt dat, indien een der partijen binnen veertien dagen na heden, onder gelijktijdige opgave van de verhinderdata van beide partijen in de maanden september 2012 tot en met november 2012, opgeeft dan verhinderd te zijn, het hof (in beginsel eenmalig) een nadere datum en tijdstip voor de comparitie zal vaststellen;
- verstaat dat het hof reeds beschikt over een kopie van de volledige procesdossiers in eerste aanleg en in hoger beroep, inclusief producties, zodat overlegging daarvan voor de comparitie niet nodig is;
- houdt iedere verdere beslissing aan.