ECLI:NL:GHSGR:2012:BV1772
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- W.P.C.M. Bruinsma
- I.P.A. van Engelen
- P.H. Holthuis
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor onbevoegd betreden van bouwterrein detentiecentrum
De verdachte werd primair verdacht van erfvredebreuk en subsidiair van het onbevoegd betreden van een bouwterrein van een detentiecentrum in aanbouw te Rotterdam. Het hof oordeelde dat het gebouw nog in aanbouw was en geen bestemming van openbare dienst had, waardoor artikel 139 WvSr Pro niet van toepassing was. Ook werd geoordeeld dat artikel 138 WvSr Pro niet van toepassing was omdat de bouwlocatie niet als erf in de zin van die bepaling kon worden aangemerkt.
Het hof stelde vast dat het terrein duidelijk was afgesloten met hekken en borden met 'verboden toegang', waardoor de verdachte zich schuldig maakte aan overtreding van artikel 461 WvSr Pro door zich zonder toestemming op het bouwterrein te bevinden. De verdachte weigerde mee te werken aan de vaststelling van haar identiteit en handelde tijdens een collectieve protestactie die aanzienlijke overlast en financiële schade veroorzaakte.
De eerdere veroordeling tot een geldboete van 500 euro werd vernietigd en het hof legde een geldboete van 150 euro op, rekening houdend met de persoonlijke omstandigheden en eerdere veroordelingen van de verdachte. De verdachte werd vrijgesproken van het primair ten laste gelegde en veroordeeld voor het subsidiair ten laste gelegde.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een geldboete van 150 euro voor onbevoegd betreden van bouwterrein detentiecentrum.