ECLI:NL:GHSGR:2012:BV6102
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J. Borgesius
- J.M. Reinking
- G. Dulek-Schermers
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel wegens opslag biowater zonder vergunning
De verdachte had een grotere hoeveelheid biowater opgeslagen dan bij zijn vergunningaanvraag was opgegeven en had zonder vergunning zijn inrichting en werking veranderd. De advocaat-generaal vorderde een veel hoger bedrag aan ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, maar het hof volgde de verdediging dat de activiteiten inmiddels waren gelegaliseerd met een vergunning.
Het hof oordeelde dat het voordeel beperkt was tot de besparing van vergunningskosten, vastgesteld op €3.000, waarvan 50% aan de verdachte werd toegerekend wegens de maatschap met zijn vrouw. Dit resulteerde in een voordeel van €1.500. Ondanks de financiële situatie van de verdachte achtte het hof het redelijk dat hij dit bedrag kan voldoen.
Gezien de overschrijding van de redelijke termijn stelde het hof het te betalen bedrag vast op €1.250. Het vonnis van de rechtbank werd vernietigd en het hof deed opnieuw recht, waarbij de betalingsverplichting aan de Staat werd opgelegd.
Uitkomst: De verdachte is veroordeeld tot betaling van €1.250 aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.