ECLI:NL:GHSGR:2012:BW8580
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- P.J.J. Vonk
- H.A.J. Kroon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verzuimboete wegens te late aangifte inkomstenbelasting 2008
Belanghebbende diende zijn aangifte inkomstenbelasting 2008 te laat in, namelijk op 22 maart 2010, terwijl de uiterste inleverdatum volgens de aanmaning 16 maart 2010 was. De Inspecteur legde daarop een verzuimboete van €226 op. Belanghebbende betwistte de boete en stelde dat hij de aangifte tijdig ter post had bezorgd, en verzocht om matiging van de boete vanwege persoonlijke omstandigheden.
De rechtbank oordeelde dat de bewijslast voor tijdige indiening bij belanghebbende ligt en dat hij onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de aangifte tijdig was verzonden. De rechtbank verwierp het beroep en gelastte vergoeding van het griffierecht wegens schending van de hoorplicht door de Inspecteur.
Het gerechtshof bevestigde dit oordeel en stelde dat de aangifte te laat was ontvangen. De Inspecteur had de bewijslast voor het opleggen van de boete voldaan, en belanghebbende had geen feiten aangevoerd die afwezigheid van schuld aannemelijk maakten. De hoogte van de boete werd passend en geboden geacht. De schending van de hoorplicht werd als niet benadelend beoordeeld, maar de vergoeding van het griffierecht werd gehandhaafd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de verzuimboete van €226 wegens te late aangifte en verklaart het hoger beroep ongegrond.