ECLI:NL:GHSGR:2012:BW9397
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Van Dijk
- van Nievelt
- Van de Poll
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake wijziging partner- en kinderalimentatie bij vermeende inkomensdaling
De man is in hoger beroep gekomen tegen een beschikking van de rechtbank Rotterdam waarin zijn verzoek tot wijziging van de alimentatieverplichtingen werd afgewezen. Hij stelde dat zijn inkomen aanzienlijk was gedaald na het sluiten van het convenant, waardoor hij niet langer in staat zou zijn de overeengekomen alimentatie te betalen.
Het hof overwoog dat op grond van artikel 1:401 lid 1 BW Pro een wijziging van alimentatie mogelijk is bij gewijzigde omstandigheden, maar dat de man onvoldoende bewijs had geleverd van een daadwerkelijke inkomensdaling. De vrouw betwistte de stelling van de man en stelde dat hij zijn inkomen kunstmatig laag hield door bepaalde gedragingen.
Het hof concludeerde dat de man slechts een conceptjaarrekening had overgelegd en onvoldoende inzicht had gegeven in zijn werkelijke inkomen. Hierdoor kon niet worden vastgesteld dat sprake was van een wijziging van omstandigheden. De bestreden beschikking werd dan ook bekrachtigd en de alimentatieverplichtingen bleven ongewijzigd.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking van de rechtbank en wijzigt de alimentatieverplichtingen niet wegens onvoldoende bewijs van inkomensdaling.