ECLI:NL:GHSGR:2012:BX1750
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- S. van Dissel
- H.M.A. de Groot
- C.M. le Clercq-Meijer
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens gebrek aan overtuigend bewijs van ernstige geweldpleging met dodelijke afloop
De verdachte werd beschuldigd van ernstige geweldpleging tegen een man in 2009, die een week later aan zijn verwondingen overleed. De feiten speelden zich af in slooppanden in Den Haag waar de verdachte en het slachtoffer tijdelijk verbleven. Het hof oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om buiten redelijke twijfel vast te stellen dat de verdachte het geweld heeft gepleegd.
Getuigenverklaringen die de verdachte belastten, waaronder verklaringen over bloedsporen op zijn kleding en uitspraken die hij zou hebben gedaan, werden als onvoldoende betrouwbaar beoordeeld. Ook de verklaring van een medeverdachte werd verworpen wegens eigenbelang. Er was geen technisch forensisch bewijs dat het bloed op de broeken van de verdachte en medeverdachte aan het delict gerelateerd was.
Het hof hield rekening met de moeilijke omstandigheden waaronder de getuigenverklaringen waren afgelegd, waaronder angst en mogelijk zwaar alcoholgebruik in de gemeenschap van dakloze Poolse jongemannen. Het ontbreken van direct bewijs en de onbetrouwbaarheid van getuigen leidde tot vrijspraak van de verdachte voor zowel de geweldpleging als de ten laste gelegde diefstal van een paspoort.
De voorlopige hechtenis van de verdachte werd met onmiddellijke ingang opgeheven. Het arrest vernietigde het eerdere vonnis en sprak de verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens gebrek aan overtuigend bewijs van de geweldpleging en diefstal.