ECLI:NL:GHSGR:2012:BX2250
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- U.E. Tromp
- J.T. Sanders
- B. van Walderveen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag omzetbelasting wegens onvermogen crediteuren te betalen bij beëindiging fiscale eenheid
Belanghebbende, bestaande uit de fiscale eenheid van [X] B.V. en [Y] B.V., kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over de periode van 1 januari 2008 tot 14 oktober 2008 vanwege niet betaalde omzetbelasting. De Inspecteur handhaafde deze aanslag na bezwaar, waarna belanghebbende beroep instelde bij de rechtbank. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en belanghebbende ging in hoger beroep bij het gerechtshof.
Het geschil spitste zich toe op de vraag of belanghebbende op het moment van beëindiging van de fiscale eenheid, 15 oktober 2008, redelijkerwijs niet meer in staat was haar crediteuren te betalen. Uit de feiten bleek dat [X] sinds 2003 verlies leed, met een negatief eigen vermogen en betalingsachterstanden, waaronder niet voldane omzetbelasting en loonheffing. Ook was er een bestuurswisseling op 15 oktober 2008, gevolgd door het verzoek tot ontbinding van de fiscale eenheid. Kort daarna werd [X] failliet verklaard.
Het hof oordeelde dat de bestuurswisseling en het verzoek tot ontbinding plaatsvonden om aansprakelijkheid voor terug te betalen omzetbelasting te ontgaan. De financiële situatie van belanghebbende was zodanig dat redelijkerwijs aangenomen moest worden dat zij niet langer haar crediteuren kon betalen. De stelling van belanghebbende dat een toekomstige overname de betaling van crediteuren zou waarborgen, werd verworpen als onzeker en onvoldoende.
Daarom bevestigde het hof de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond. Er werden geen proceskosten aan partijen opgelegd. Belanghebbende kan nog cassatieberoep instellen bij de Hoge Raad.
Uitkomst: De naheffingsaanslag omzetbelasting wordt bevestigd omdat belanghebbende niet langer in staat was haar crediteuren te betalen bij beëindiging van de fiscale eenheid.