ECLI:NL:GHSGR:2012:BZ2175
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- J.J.J. Engel
- B. van Walderveen
- J.J.I. Verburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aansprakelijkstelling bestuurder voor naheffingsaanslagen omzetbelasting BV
Belanghebbende, bestuurder van een stichting die bestuurder was van een BV, werd aansprakelijk gesteld voor naheffingsaanslagen omzetbelasting over de jaren 2004 tot en met 2006. De BV had onjuiste aangiften gedaan en de belastingschulden niet voldaan. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en het hof bevestigt dit oordeel.
Het hof overweegt dat de BV en belanghebbende op de hoogte waren van de verschuldigde omzetbelasting, maar bewust onjuiste aangiften hebben gedaan. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt omdat de brief van de inspecteur uit 2004 geen vrijstelling van belastingplicht voor omzetbelasting inhield. Ook het argument dat de aanslagen onredelijk zijn, wordt verworpen omdat deze gebaseerd zijn op facturen en overeenkomsten.
De aansprakelijkheid van belanghebbende als bestuurder volgt uit artikel 36 Invorderingswet Pro 1990. Omdat de BV geen tijdige melding van betalingsonmacht heeft gedaan en sprake is van opzet of grove schuld, is belanghebbende terecht aansprakelijk gesteld. Het hof wijst het hoger beroep af en bevestigt de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het gerechtshof bevestigt de aansprakelijkstelling van belanghebbende voor naheffingsaanslagen omzetbelasting wegens opzet of grove schuld van de BV.