ECLI:NL:GHSGR:2012:BZ6832
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep legesheffing navordering en vergrijpboete windparkbouwkosten
Belanghebbende exploiteert een windpark en diende bouwvergunningaanvragen in met een raming van de bouwkosten gebaseerd op de NEN-norm 2631. Later bleek dat een turn-key aannemingscontract was gesloten met een hogere aannemingssom. De Inspecteur legde navorderingsaanslagen en vergrijpboetes op wegens vermeende onjuiste opgave van bouwkosten.
De rechtbank vernietigde deze aanslagen en boetes wegens onbevoegdheid en gebrek aan nieuw feit of kwade trouw. De Inspecteur ging in hoger beroep, stellende dat sprake was van een nieuw feit of kwade trouw. Het hof oordeelde dat de Inspecteur al op de hoogte was van de aannemingssom en de bouwkostenraming, en dat hij geen aanvullend onderzoek had verricht. Er was geen sprake van een nieuw feit.
Ook was niet aannemelijk dat belanghebbende opzettelijk onjuiste informatie had verstrekt. De navorderingsaanslag en boete werden daarom vernietigd. Het hof wees de vergoeding van werkelijk gemaakte proceskosten en immateriële schade af, maar veroordeelde de Inspecteur tot vergoeding van forfaitaire proceskosten. De rechtbank werd bevestigd en het hoger beroep van de Inspecteur ongegrond verklaard.
Uitkomst: De navorderingsaanslag en vergrijpboete worden vernietigd en de Inspecteur wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.