ECLI:NL:GHSHE:2000:AA5984
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag overdrachtsbelasting bij economische eigendomsoverdracht woning
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen een naheffingsaanslag overdrachtsbelasting over de economische eigendomsoverdracht van een woning, waarbij gebruiks- en bewoningsrechten voor de verkoper waren voorbehouden. Het geschil spitst zich toe op de rechtsgeldigheid van de terugwerkende kracht van artikel 2, lid 2, van de Wet op belastingen van rechtsverkeer en de vraag of de overdracht het gevolg was van een schriftelijke overeenkomst die vóór 31 maart 1995 bestond.
Het Hof oordeelt dat de terugwerkende kracht van de wet rechtsgeldig is en dat de overdracht een verkrijging in de zin van de wet betreft. Belanghebbende slaagt er niet in aan te tonen dat er vóór het fatale tijdstip een schriftelijke overeenkomst bestond. Ook wordt geoordeeld dat de persoonlijke gebruiksrechten geen waardevermindering veroorzaken bij de bepaling van de waarde in het economische verkeer.
Gelet op deze overwegingen wordt de bestreden uitspraak bevestigd en de naheffingsaanslag gehandhaafd. Proceskosten en griffierecht worden niet aan belanghebbende toegekend. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open.
Uitkomst: Het hof bevestigt de naheffingsaanslag overdrachtsbelasting en wijst het beroep van belanghebbende af.