ECLI:NL:GHSHE:2000:AA5986
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A. Meijer
- G.J. van Muijen
- M.E. van Hilten
- Rechtspraak.nl
Vernietiging fiscale eenheid en toewijzing proceskosten in geschil over omzetbelasting
Het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch behandelde het beroep van QH B.V. tegen de Inspecteur van de rijksbelastingdienst over de fiscale eenheid voor de omzetbelasting. De Inspecteur had een beschikking afgegeven die door QH B.V. werd bestreden. Tijdens de mondelinge behandeling verklaarde de Inspecteur dat QM B.V. geen deel uitmaakt van de fiscale eenheid.
Het Hof oordeelde dat de enkele omstandigheid dat QG B.V., QS B.V. en R B.V. allen actief zijn in de bouwnijverheid onvoldoende is om te concluderen dat zij eenzelfde economisch doel nastreven. Uit de feiten bleek dat de activiteiten en klantenkring van R B.V. wezenlijk verschillen van die van QG B.V. en QS B.V. Ook tussen QG B.V. en QS B.V. bestond zoveel verschil dat geen sprake is van eenzelfde economisch doel.
Daarmee concludeerde het Hof dat er geen verwevenheid in economisch opzicht bestaat tussen de betrokken vennootschappen en dus geen fiscale eenheid. Het beroep van QH B.V. werd gegrond verklaard. De Inspecteur werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van fl. 1.420 en het griffierecht van fl. 75.
De uitspraak werd op 26 januari 2000 mondeling gedaan en op 7 februari 2000 aan partijen verzonden. Het Hof stelde vast dat bijzondere omstandigheden ontbraken die tot een ander oordeel zouden leiden.
Uitkomst: Het Hof vernietigt de bestreden uitspraak en beschikking en veroordeelt de Inspecteur tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.