ECLI:NL:GHSHE:2000:AA5989
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.J. van Soest
- J. Huiskes
- R.J. Koopman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over niet-aftrekbaarheid heffingsrente bij aanslag inkomstenbelasting 1991
Het geschil betreft de vraag of de heffingsrente die bij de aanslag inkomstenbelasting 1991 is berekend, in 1993 in aftrek kan worden gebracht op het belastbaar inkomen van belanghebbende. Belanghebbende stelt dat de heffingsrente in 1993 invorderbaar en rentedragend is geworden, terwijl de Inspecteur dit ontkent.
Het Hof overweegt dat rentedragend worden in de zin van artikel 38 Wet Pro op de inkomstenbelasting 1964 inhoudt dat de oorspronkelijke vordering wordt omgezet in een rentedragende lening. Dit is volgens het Hof alleen het geval indien de vordering vorderbaar en inbaar is en de crediteur daarover beschikt door omzetting in een lening.
In deze zaak is de invorderingsrente verschuldigd geworden door overschrijding van de betalingstermijn, ongeacht het verleende uitstel van betaling. Het uitstel is verleend vanwege het bezwaar en beroep van belanghebbende, en de ontvanger kon dit niet weigeren. Daarom is er geen sprake van omzetting in een rentedragende lening en kan de heffingsrente niet in aftrek worden gebracht.
Het Hof bevestigt de bestreden uitspraak en wijst het beroep van belanghebbende af. Proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: Het Hof bevestigt de uitspraak dat de heffingsrente niet in aftrek kan worden gebracht op het belastbaar inkomen van 1993.