ECLI:NL:GHSHE:2001:AC6653
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.J. van Muijen
- J.W.J. Huige
- A.C. van Leijenhorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging loonbelastingheffing over immateriële schadevergoeding na arbeidsconflict intensivist
Belanghebbende, een intensivist, was in dienst bij een stichting die een ziekenhuis exploiteert. Na een ernstig arbeidsconflict en schorsing werd zijn arbeidsovereenkomst ontbonden op advies van het scheidsgerecht, waarbij een vergoeding van 50.000 gulden voor immateriële schade werd toegekend.
De stichting hield over 40.000 gulden van deze vergoeding loonbelasting in, wat belanghebbende betwistte en bezwaar tegen maakte. Na afwijzing van het bezwaar door de Inspecteur kwam belanghebbende in beroep bij het Hof.
Het Hof oordeelde dat de vergoeding haar grond vond in het arbeidsconflict en de dienstbetrekking, en dat de vergoeding daarom als loon moet worden aangemerkt volgens artikel 10 van Pro de Wet op de loonbelasting 1964. De stelling dat de vergoeding onbelast zou zijn omdat deze immateriële schade betrof en ter compensatie van aantasting van goede naam diende, werd verworpen.
Het Hof bevestigde de bestreden uitspraak en wees het beroep af, waarbij tevens werd vastgesteld dat geen proceskostenveroordeling op zijn plaats is.
De uitspraak werd gedaan door het Gerechtshof 's-Hertogenbosch op 3 augustus 2001.
Uitkomst: Het Hof bevestigt dat de immateriële schadevergoeding van 40.000 gulden als loon moet worden belast met loonbelasting.