ECLI:NL:GHSHE:2001:AD3678
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling voorziening bodemsanering in vennootschapsbelasting 1994
De belanghebbende diende een aangifte vennootschapsbelasting in met een nihil belastbaar bedrag over 1994. De Inspecteur corrigeerde dit en legde een aanslag op met een belastbare winst van fl. 24.155,=. De belanghebbende stelde dat zij een voorziening voor bodemsanering mocht vormen, gebaseerd op bodemonderzoeken en een voorlopig plan van aanpak.
Het hof stelde vast dat de bodemonderzoeken van 1992 en 1996 en het voorlopige plan van aanpak oriënterend en voorlopig van aard waren. De belanghebbende slaagde er niet in aannemelijk te maken dat er ultimo 1994 een voorziening voor toekomstige saneringskosten met redelijke mate van zekerheid gevormd kon worden. Ook het taxatierapport en de akte van levering boden onvoldoende bewijs.
De overeenkomst tussen X en de gemeente Z en de betaling van een deel van de saneringskosten door de gemeente konden niet worden toegerekend aan de belanghebbende. Het hof oordeelde dat de bewijslast niet was voldaan en bevestigde de aanslag. Beide partijen maakten geen aanspraak op proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het hof bevestigt de aanslag vennootschapsbelasting 1994 en wijst het beroep van de belanghebbende af wegens onvoldoende bewijs voor het vormen van een voorziening bodemsanering.