ECLI:NL:HR:1998:AA2555
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Bellaart
- Van der Putt-Lauwers
- Van Brunschot
- Meij
- Rechtspraak.nl
Vorming voorziening voor toekomstige uitgaven bij goed koopmansgebruik in vennootschapsbelasting
Belanghebbende, een besloten vennootschap, had voor het jaar 1991 een aanslag vennootschapsbelasting ontvangen die zij betwistte. De zaak betrof de vraag of een voorziening mocht worden gevormd voor toekomstige betalingen aan een stichting in het kader van een saneringsregeling, terwijl nog geen bestaande rechtsverhouding op balansdatum bestond.
Het hof had geoordeeld dat alleen een voorziening kon worden gevormd indien een op balansdatum bestaande rechtsverhouding bestond. De Hoge Raad stelt dat deze civielrechtelijke eis niet strookt met het bedrijfseconomische begrip van goed koopmansgebruik, dat toelaat dat een voorziening wordt gevormd indien toekomstige uitgaven hun oorsprong vinden in feiten of omstandigheden voorafgaand aan de balansdatum en redelijkerwijs zeker zijn.
De Hoge Raad vernietigt daarom het arrest van het hof en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor verdere behandeling en beslissing in overeenstemming met dit arrest. Tevens worden proceskosten toegewezen aan belanghebbende voor de cassatieprocedure.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor herbeoordeling met een ruimere maatstaf voor het vormen van voorzieningen.