ECLI:NL:GHSHE:2002:AE8625
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N. van Beelen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tariefgroepindeling voor inkomstenbelasting bij onderhoud studerend kind
Belanghebbende, werkzaam als gerechtssecretaris, voerde bezwaar aan tegen haar indeling in tariefgroep 2 voor de inkomstenbelasting 1999, terwijl zij meende recht te hebben op tariefgroep 4 omdat haar studerende zoon tot haar huishouden behoort en zij hem in belangrijke mate zou onderhouden.
Het geschil draaide om de vraag of de zoon, die eigen inkomsten had uit werk en studiefinanciering, voldoende door zijn moeder werd onderhouden volgens de wettelijke criteria. Het hof oordeelde dat de eigen inkomsten van de zoon meewegen en dat de kosten van levensonderhoud lager zijn dan zijn inkomsten vermeerderd met de wettelijke norm van fl. 56,- per week.
Belanghebbende stelde zich ook op het standpunt van een toegezegde telefonische informatie en een schending van de hoorplicht, maar het hof verwierp deze bezwaren wegens onvoldoende bewijs en onmogelijkheid tot terugverwijzing.
De uitspraak van het hof bevestigt dat de normbedragen van de studiefinanciering niet uitsluitend bepalend zijn en dat de werkelijke kosten van levensonderhoud en eigen inkomsten in aanmerking moeten worden genomen bij de tariefgroepindeling.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en de proceskosten worden niet aan belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de indeling in tariefgroep 2 wordt ongegrond verklaard.