ECLI:NL:GHSHE:2004:AR7180
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek buitengewone lasten voor bijdrage woonlasten meervoudig gehandicapte zoon
Belanghebbende, gehuwd met mevrouw A, heeft een meervoudig gehandicapte zoon die verblijft in een particuliere kleinschalige woonvoorziening. Voor deze zoon ontvangt hij dubbele kinderbijslag en betaalt hij een jaarlijkse bijdrage in de woonlasten van netto ƒ 4.716,--.
De kern van het geschil is of deze bijdrage aftrekbaar is als buitengewone last op grond van artikel 46, eerste lid, aanhef en letter b van de Wet op de inkomstenbelasting 1964. Het hof overweegt dat belanghebbende de bewijslast draagt om aan te tonen dat de gemaakte kosten de bespaarde huisvestingskosten overschrijden. Dit is niet aannemelijk gemaakt.
Belanghebbende beroept zich op het gelijkheidsbeginsel, verwijzend naar een ander geval waarbij aftrek werd toegestaan, maar het hof vindt onvoldoende bewijs voor een eenheidsoverschrijdend beleid of onrechtmatige behandeling.
Ten slotte wijst het hof het betoog dat weigering van aftrek een ontmoedigingsbeleid inhoudt af, omdat het hof geen ruimte heeft om de billijkheid van de wet te toetsen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aftrek van buitengewone lasten wordt geweigerd.