ECLI:NL:GHSHE:2005:AT8829
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Den Hartog Jager
- Aarts
- Venhuizen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling hoger beroep tegen afwijzing verzoek tot tussenkomst en beslaglegging onder Rabobank
De curator heeft bij de voorzieningenrechter verlof gevraagd om conservatoir derdenbeslag te leggen onder de Rabobank Tilburg ten laste van Stichting Vrienden van de Solidariteitswerkplaats. Dit verlof is onder nadere voorwaarden verleend, waaronder een termijn waarbinnen de hoofdzaak aanhangig moet worden gemaakt. De curator verzocht tevens om als tussenkomende partij in de hoofdzaak te mogen verschijnen, hetgeen door de voorzieningenrechter werd afgewezen.
De curator stelde hoger beroep in tegen deze afwijzing en voerde aan dat het begrip 'verlof' in artikel 700 lid 2 Rv Pro niet zo ruim geïnterpreteerd moet worden dat hoger beroep tegen voorwaarden van het verlof is uitgesloten. Het hof overwoog dat de verlofprocedure een eenvoudige procedure is, waarbij de wederpartij doorgaans niet wordt gehoord en de gegrondheid van het verzoek summier wordt onderzocht. Het verlof dient slechts ter bewaring van rechten in afwachting van een bodemprocedure.
Het hof benadrukte dat geschillen over het verlof, de beslaglegging en de gevolgen daarvan door de voorzieningenrechter in kort geding of door de bodemrechter worden beslist, en dat het niet verenigbaar is dat de verzoeker ook nog in hoger beroep en cassatie kan strijden over de voorwaarden waaronder het verlof wordt verleend. De curator werd daarom niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep. Tevens oordeelde het hof dat het verzoek om als tussenkomende partij te verschijnen niet op de wet is gebaseerd en dat de voorzieningenrechter niet bevoegd is om te bepalen op welke wijze de eis in de hoofdzaak wordt ingesteld.
Uitkomst: Het hof verklaart de curator niet-ontvankelijk in hoger beroep tegen de afwijzing van zijn verzoek om als tussenkomende partij te verschijnen en bevestigt de voorwaarden van het verleende verlof tot beslaglegging.