ECLI:NL:GHSHE:2005:AT9886
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Drijkoningen
- Den Hartog Jager
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over financiële afwikkeling verrekenbeding bij echtscheiding
Partijen zijn in 1987 gehuwd onder huwelijkse voorwaarden met koude uitsluiting, gemeenschap van inboedel en een verrekenbeding voor overgespaard inkomen. De echtscheidingsprocedure werd gestart in 1999, waarmee de verrekenperiode eindigde. Het hoger beroep richt zich op de financiële afwikkeling van het verrekenbeding, met name de verdeling van overgespaard inkomen en waardestijgingen van vermogensbestanddelen.
De vrouw vordert verrekening van de waardestijging van de onderneming van de man, de echtelijke woning en diverse levensverzekeringspolissen. Het hof oordeelt dat waardestijgingen van onroerende zaken niet automatisch als winst gelden voor verrekening, tenzij sprake is van belegging van overgespaard inkomen. De premies voor levensverzekeringspolissen die uit de huishoudpot zijn betaald, worden gelijkgesteld aan hypotheekaflossingen en behoren tot het gemeenschappelijk vermogen.
Het hof wijst op de noodzaak van nadere toelichting door partijen over de waarde van polissen en de waardestijging van de woning. Tevens wordt een comparitie gelast om nadere inlichtingen te verkrijgen en een minnelijke schikking te beproeven. Verdere beslissingen worden aangehouden.
Uitkomst: Het hof wijst de primaire vorderingen af, houdt de subsidiaire vordering voor ingetrokken en houdt verdere beslissing aan na nadere toelichting en comparitie.