ECLI:NL:GHSHE:2006:AY0441
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rothuizen-van Dijk
- Begheyn
- Pellis
- Rechtspraak.nl
Eigendomsgeschil over schilderij Zee van Mesdag en beschikkingsbevoegdheid
In deze civiele procedure vordert geïntimeerde een verklaring voor recht dat hij eigenaar is van het schilderij Zee van Mesdag, dat appellant het schilderij om niet heeft verkregen en dat appellant niet te goeder trouw is volgens artikel 3:86 BW Pro. Daarnaast vordert geïntimeerde afgifte van het schilderij aan hem, dan wel toestemming voor de gerechtelijk bewaarder om het schilderij af te geven.
De feiten betreffen een consignatieovereenkomst waarbij het schilderij door vertegenwoordiger in consignatie is gegeven aan een derde partij, die het schilderij vervolgens aan appellant verkocht. Geïntimeerde betwist de geldigheid van deze verkoop en stelt dat de verkoper niet beschikkingsbevoegd was. Appellant stelt dat hij het schilderij rechtmatig heeft verkregen en te goeder trouw was.
Het hof overweegt dat geïntimeerde de bewijslast draagt voor het bewijs dat de verkoop niet geldig was en dat de verkoper niet beschikkingsbevoegd was. Appellant heeft voldoende omstandigheden aangevoerd om te rechtvaardigen dat hij de verkoper voor bevoegd mocht houden. Het hof laat partijen toe om bewijs te leveren over deze punten, waaronder getuigenverhoren onder leiding van een raadsheer-commissaris.
De zaak wordt verwezen naar een rolzitting voor verdere procesafspraken en het hof houdt verdere beslissing aan totdat het bewijs is geleverd en beoordeeld.
Uitkomst: Het hof houdt verdere beslissing aan en stelt partijen in de gelegenheid bewijs te leveren over eigendom en beschikkingsbevoegdheid.