ECLI:NL:GHSHE:2006:AZ1330
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Venhuizen
- Keizer
- Van Wechem
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid Nederlandse rechter bij geschil over voortzetting onderhandelingen over overnameplannen
In deze civiele procedure stond centraal de vraag of de Nederlandse rechter bevoegd was om kennis te nemen van een vordering van Pingo Poultry Products B.V. tegen Boparan Holdings Limited wegens het ongeoorloofd afbreken van onderhandelingen over de overname van Pingo's onderneming. Pingo baseerde haar vordering op een Heads of Agreement en het vertrouwen dat er een overeenkomst zou worden gesloten.
De rechtbank verklaarde zich onbevoegd omdat de plaats van uitvoering van de verbintenis tot voortzetting van onderhandelingen niet eenduidig in Nederland was vast te stellen. Partijen hadden geen forumkeuze gemaakt en de onderhandelingen hadden op verschillende locaties plaatsgevonden, waaronder Nederland en Engeland, en via diverse communicatiemiddelen.
Het hof bevestigde dit oordeel en overwoog dat noch het Nederlands noch het Engelse recht uitsluitsel geeft over de plaats van uitvoering van de onderhandelingsverplichting. Het hof verwierp het betoog van Pingo dat de rechtbank had moeten onderzoeken of de uitvoering van de te sluiten overeenkomst in Nederland zou plaatsvinden. De vordering van Pingo werd afgewezen en zij werd veroordeeld in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat de Nederlandse rechter onbevoegd is en verklaart de Engelse rechter bevoegd.