ECLI:NL:GHSHE:2007:BA6692
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- G.J. van Muijen
- T. Blokland
- G.D. van Norden
- Rechtspraak.nl
Beoordeling recht op aftrek reiskosten en loonheffing vaste reiskostenvergoeding 2001
Belanghebbende stelde in hoger beroep dat hij voor het jaar 2001 recht had op aftrek van reiskosten ter grootte van €9.958 en dat het belaste gedeelte van de vaste reiskostenvergoeding ten onrechte in de loonheffing was betrokken. Het geschil betrof de uitleg van het nieuwe stelsel van de Wet inkomstenbelasting 2001 en de toepassing van de regels omtrent vrije vergoedingen.
Het hof overwoog dat het nieuwe stelsel geen mogelijkheid biedt om beroepskosten onder voorwaarden in aftrek te brengen en dat de redelijkheidstoets slechts een marginale toets is om extreme kosten uit te sluiten. De door belanghebbende aangevoerde passages uit de wetsgeschiedenis en personeelsreglementen konden niet leiden tot een ander oordeel. De vaste reiskostenvergoeding was niet gespecificeerd naar aard en omvang van de kosten en daarom niet aan te merken als vrije vergoeding.
Verder werd vastgesteld dat belanghebbende geen bezwaar had gemaakt tegen de inhouding van loonheffing en dat de loonheffing terecht was toegepast. Het hof bevestigde de uitspraak van de Rechtbank Breda en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en het griffierecht bleef voor rekening van belanghebbende.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank bevestigd.