ECLI:NL:GHSHE:2007:BC0123
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Den Hartog Jager
- Van den Bergh
- Rechtspraak.nl
Beoordeling waardebepaling en verdeling gemeenschap van goederen bij echtscheiding
In deze civiele zaak stond de waardebepaling en verdeling van de gemeenschap van goederen tussen een man en een vrouw centraal na hun echtscheiding. Het hof ontving taxatierapporten over de waarde van onroerende goederen en beoordeelde de juistheid van deze waarderingen, waarbij het beroep van de man op een hogere taxatie werd verworpen. Ook werd het beroep op het buiten beschouwing laten van vruchtgebruik afgewezen, aangezien de bewoning door de moeder van de vrouw relevant was.
Verder betwistte de man de verkoop van een pand door de vrouw aan haar zus, stellende dat deze verkoop buiten haar bevoegdheid was en dat hij niet gebonden was aan de verkoop. Het hof oordeelde dat de vrouw bevoegd was tot verkoop en dat de man geen bezwaar kon maken tegen de verdeling op basis van een ontbrekende taxatie bij verkoop.
Het hof stelde vast dat de man minder ontving dan bij een gelijke verdeling, maar dat dit verschil minder dan een kwart bedroeg, waardoor geen sprake was van benadeling. Het beroep van de man op een geestelijke stoornis werd eveneens verworpen omdat hij niet aannemelijk had gemaakt dat hij niet in staat was zijn wil te vormen. Uiteindelijk werden de vonnissen van de rechtbank bekrachtigd en werden de proceskosten verdeeld met uitzondering van de kosten van het deskundigenonderzoek die voor rekening van de man kwamen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de vonnissen van de rechtbank en wijst het beroep van de man af, waarbij de proceskosten worden gecompenseerd en de kosten van het deskundigenonderzoek voor rekening van de man komen.