Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 7 oktober 2015
- de pleitnota van mr. Kotterman
- de comparitie heeft plaatsgevonden op 12 augustus 2016. Van het verhandelde ter zitting is aantekening gehouden.
2.De feiten
3.Het geschil
in conventie
4.De beoordeling
in conventie en reconventie
voorwaardelijkaan de man is toegedeeld – onder de voorwaarde dat de man tot 1 januari 2014 de gelegenheid heeft om hiervoor financiering te verkrijgen en de vrouw te doen ontslaan uit haar hoofdelijke aansprakelijkheid – bij gebreke waarvan de woning zal worden verkocht aan een derde. Duidelijk is dat deze voorwaarde niet is vervuld, zodat de woning dient te worden verkocht aan een derde. In beide gevallen geldt de afspraak dat uitgegaan wordt van de vrije verkoopwaarde per 1 april 2012 van € 174.500,--, gelijk aan de hypotheekschuld van partijen. De woning is in 2008 door partijen gekocht voor voornoemd bedrag.
5.De beslissing
- i) (het al dan niet verlagen van) de te hanteren vraag- en laatprijs,
- ii) over het verkoopklaar maken van de woning en
- iii) het presenteren daarvan via door de makelaar genoemde verkoopkanalen,