ECLI:NL:GHSHE:2008:BD1298
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Gründemann
- De Klerk-Leenen
- Walstock
- Rechtspraak.nl
Voortzetting schuldsaneringsregeling ondanks niet te goeder trouw ontstane schuld
Appellant was toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP), maar de rechtbank beëindigde deze regeling vanwege het niet te goeder trouw ontstaan van een schuld van €1.806,50 uit een ten onrechte genoten Wwb-uitkering in 2003-2004. De rechtbank vond dat appellant onjuiste informatie had verstrekt tijdens het toelatingsgesprek en dat hij verwijtbaar had gehandeld.
Appellant ging in hoger beroep en voerde aan dat het bedrag kleiner was dan door de rechtbank aangenomen, dat hij onvoldoende was geïnformeerd door werkgevers en dat het een incidentele omissie betrof. Hij erkende niet geheel te goeder trouw te zijn geweest, maar vond de omvang en omstandigheden onvoldoende reden voor beëindiging van de regeling.
Het hof constateerde dat de schuld inderdaad was ontstaan vier jaar voor toelating en dat appellant niet te goeder trouw was, maar dat de schuld relatief beperkt was en dat er geen aanwijzingen waren voor onregelmatigheden in zijn gedrag voorafgaand aan toelating. Wel bleek dat appellant onvoldoende solliciteerde en zijn inlichtingenplicht niet volledig nakwam.
Gezien deze omstandigheden gaf het hof appellant een laatste kans om zijn gedrag te verbeteren en de regeling correct na te komen. Het vonnis van de rechtbank werd vernietigd en de beëindiging van de schuldsaneringsregeling werd afgewezen, zodat de regeling wordt voortgezet.
Uitkomst: De beëindiging van de schuldsaneringsregeling wordt afgewezen en de regeling wordt voortgezet.