ECLI:NL:GHSHE:2008:BD3368
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- P. Fortuin
- R.J. Koopman
- J.Th. Simons
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar WOZ-waarde onroerende zaak
De belanghebbende ontving een WOZ-beschikking waarin de waarde van zijn onroerende zaak was vastgesteld. Tegen deze beschikking werd door C B.V. namens de belanghebbende bezwaar gemaakt. De heffingsambtenaar had de waarde na bezwaar verlaagd, maar de rechtbank verklaarde het beroep van de belanghebbende niet-ontvankelijk omdat niet was gebleken dat het bezwaar door of namens hem was ingediend.
In hoger beroep stelde het hof vast dat C B.V. als gemachtigde namens de belanghebbende het bezwaar had ingediend, wat voldoende was om het beroep ontvankelijk te verklaren. Het hof oordeelde dat de rechtbank ten onrechte het beroep niet-ontvankelijk had verklaard en dat het beroep inhoudelijk behandeld moet worden.
Het hof wees de zaak terug naar de rechtbank voor verdere behandeling en besliste dat het griffierecht dat belanghebbende bij het hof had betaald, door de heffingsambtenaar vergoed moet worden. Tevens werden de proceskosten van het hoger beroep aan de zijde van belanghebbende vastgesteld en opgelegd aan de heffingsambtenaar. Het hof maakte geen gebruik van de bevoegdheid om zelf in de zaak te voorzien, omdat onvoldoende gedachtevorming had plaatsgevonden.
Uitkomst: Het hof vernietigt de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep en wijst de zaak terug naar de rechtbank voor inhoudelijke behandeling.