ECLI:NL:GHSHE:2008:BD9088
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Raadkamer
- A.R.O. Mooy
- B.F. de Poorter
- F.J.M. Walstock
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beklag wegens mishandeling door politieagent na corrigerend gesprek
Op 5 mei 2006 deed klager aangifte van mishandeling door beklaagde, een politieagent, die hem in de politieauto meerdere keren zou hebben geslagen. Klager meldde pijn en een hersenschudding, met een kneuzing op het voorhoofd en een zwelling op het achterhoofd. Beklaagde erkende een enkele tik op het achterhoofd te hebben gegeven als corrigerende maatregel na beledigingen.
Diverse getuigen, waaronder collega’s van beklaagde, bevestigden het recalcitrante gedrag van klager, maar konden de mishandeling niet bevestigen. Een forensisch geneeskundige constateerde een lichte zwelling op het voorhoofd, maar het hof kon niet vaststellen wie dit letsel had toegebracht. Beklaagde voerde een corrigerend gesprek met de korpsleiding.
Het hof oordeelde dat er voldoende aanwijzingen waren voor de tik op het achterhoofd, maar dat vervolging niet opportuun was gezien de interne maatregel. Het beklag ex artikel 12 Sv Pro werd daarom afgewezen. Het hof vond verder onderzoek niet zinvol en bevestigde dat het letsel aan het voorhoofd niet kon worden toegeschreven aan beklaagde.
Uitkomst: Het hof wijst het beklag af en bevestigt het niet vervolgen van de politieagent na interne maatregelen.