ECLI:NL:GHSHE:2009:BH7873
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- R.J. Koopman
- N. van Beelen
- W.A. Sijberden
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen heffingsrente over periode vóór realisatie aanmerkelijk belangwinst afgewezen
Belanghebbende behaalde in november 2006 een aanmerkelijk belangwinst van €333.049 en kreeg een voorlopige aanslag met heffingsrente van €2.645 opgelegd over de periode vanaf 1 juli 2006. Belanghebbende betoogde dat het onredelijk was om heffingsrente te betalen over een periode waarin hij de winst nog niet had gerealiseerd.
De rechtbank had het beroep van belanghebbende ongegrond verklaard en het hof sluit zich hierbij aan. Uit de ontstaansgeschiedenis van artikel 30f AWR blijkt dat de wetgever deze situatie heeft onderkend, maar bewust heeft gekozen voor een eenvoudige berekeningswijze zonder rekening te houden met het moment van inkomstenverrichting.
Het hof benadrukt dat het niet aan de rechter is om de billijkheid of innerlijke waarde van de wet te beoordelen. Het hoger beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er worden geen proceskosten toegekend en het griffierecht wordt niet vergoed.
Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad binnen zes weken na verzending van het vonnis.
Uitkomst: Hoger beroep tegen heffingsrente wordt ongegrond verklaard en uitspraak rechtbank bevestigd.