ECLI:NL:GHSHE:2009:BJ1710
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Aarts
- Venner-Lijten
- Slootweg
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen ontslag wegens reorganisatie niet kennelijk onredelijk
De zaak betreft het hoger beroep van een werknemer die zich verzette tegen zijn ontslag door de werkgever, een loonwerkbedrijf, wegens een reorganisatie. De werknemer, die sinds 1983 met onderbrekingen in dienst was en sinds 1999 een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd had, stelde dat het ontslag kennelijk onredelijk was vanwege zijn leeftijd, lange dienstverband en gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid.
De werkgever had toestemming gevraagd aan de CWI om het dienstverband te beëindigen wegens bedrijfseconomische redenen, welke toestemming werd verleend. De werknemer werd vrijgesteld van werk met behoud van salaris tot het einde van de arbeidsovereenkomst. De kantonrechter wees de vorderingen van de werknemer af, waarna hij hoger beroep instelde.
Het hof overwoog dat de werkgever voldoende aannemelijk had gemaakt dat er sprake was van negatieve financiële resultaten en een noodzakelijke reorganisatie, waardoor de functie van de werknemer kwam te vervallen. De stelling van de werknemer dat het ontslag was ingegeven door de wens tot verkoop van het bedrijf werd onvoldoende onderbouwd en verworpen.
Verder oordeelde het hof dat de gevolgen van het ontslag voor de werknemer niet te ernstig waren in verhouding tot het belang van de werkgever bij de opzegging. De werknemer had onvoldoende feiten en bewijs aangevoerd over de financiële gevolgen en zijn arbeidsongeschiktheid. Ook bleek uit verklaringen van derden dat de werknemer kansen had op de arbeidsmarkt, maar deze niet had benut.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde de werknemer in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en oordeelt dat het ontslag niet kennelijk onredelijk is.