ECLI:NL:GHSHE:2009:BL7441
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- V.M. van Daalen-Mannaerts
- P.J.M. Bongaarts
- W.F.G. Wijnen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling dubbele belastingheffing op Belgische opcentiemen in strijd met EG-Verdrag en mensenrechtenverdragen
Belanghebbende, woonachtig in België en met Nederlandse nationaliteit, was in geschil met de Nederlandse belastingdienst over de heffing van belasting op winst uit een in Nederland gedreven onderneming. Volgens het Verdrag Nederland-België behoort de belastingheffing over deze winst toe aan Nederland, terwijl België voorkoming van dubbele belasting moet verlenen. Desondanks werd belanghebbende geconfronteerd met dubbele belastingheffing door opcentiemen op de Belgische personenbelasting.
Belanghebbende stelde dat deze dubbele heffing in strijd was met het Verdrag, het EG-Verdrag, het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR) en het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en fundamentele vrijheden (EVRM). De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en het hof bevestigde deze uitspraak na uitgebreide motivering, waarbij het onder meer inging op de totstandkoming en achtergrond van artikel 24 Protocol Pro I bij het Verdrag.
Het hof oordeelde dat de dubbele belastingheffing niet verboden is door het EG-Verdrag, het IVBPR of het EVRM. Het hof verwees naar eerdere uitspraken waarin werd vastgesteld dat sprake is van een dispariteit, maar niet van een door het EG-Verdrag verboden belemmering of discriminatie. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak dat dubbele belastingheffing op Belgische opcentiemen niet in strijd is met het EG-Verdrag en mensenrechtenverdragen.