ECLI:NL:GHSHE:2010:BM5101
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J. Swinkels
- V.M. van Daalen-Mannaerts
- A.C. van Leijenhorst
- Rechtspraak.nl
Betaling aan ex-cliënt niet aftrekbaar als ondernemingskosten advocaat
Belanghebbende, een advocaat, had een seksuele relatie met een voormalige cliënte en betaalde haar €112.500, stellende dat dit onder dwang was gebeurd en dat de betaling bedoeld was om negatieve publiciteit te voorkomen. Hij wilde deze betaling als ondernemingskosten aftrekken van zijn praktijkwinst.
De Inspecteur betwistte de aftrek en stelde dat de betaling in de privésfeer ligt. De Rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en het Hof bevestigt dit oordeel. Het Hof verwijst naar een eerdere uitspraak van het Hof Leeuwarden en een arrest van de Hoge Raad waarin werd geoordeeld dat dergelijke betalingen niet binnen de zakelijke relatie vallen.
Het Hof benadrukt dat het aangaan van een seksuele relatie met een cliënt en de daaruit voortvloeiende betalingen niet als zakelijke kosten kunnen worden gezien, omdat dit uitsluitend binnen de privésfeer valt. De betaling is dus niet aftrekbaar als kosten van de onderneming. Het hoger beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de betaling van €112.500 is niet aftrekbaar als ondernemingskosten.